Share
Voorvertoning
Maak het leuk en leerzaam!
Thuis met je peuter,
maak het leuk en leerzaam!
   Tip van de dag
Een leuke tip om lekker te dansen! Een liedje met invloeden vanuit de hele wereld, dit komt uit het programma ‘Lekker Fit!’.
   Activiteit 1 - Knijpers aan de kleding
Benodigdheden
  • Gekleurde knijpers
  • Gekleurde kledingstukken

Hoe werkt het?

Geef je peuter een blauwe knijper en laat hem/haar zoeken naar een blauw kledingstuk.
Wat is het doel?
Je peuter oefent met de grote- en fijne motoriek door te lopen, springen, bukken (of rennen?) door het huis. Je peuter pakt verschillende materialen. Ook komt je peuter in aanraking met de kleuren en leert deze te herkennen.

Deze activiteit kun je ook buiten doen. Je peuter pakt een kleur, je kunt dan vragen: waar zie je iets blauws? Samen kun je dan rennen (of kruipen of springen) naar dat wat blauw is.

Stapje makkelijker
Versier elkaar met wasknijpers! Plezier staat altijd voorop!

Stapje moeilijker
Leg de blauwe trui hoger op een kast. Hierdoor moet je peuter met de armen omhoog reiken. Hij/zij oefent het balanceren, doordat het op de tenen moet staan om ergens bij te kunnen.
Je kunt ook vragen: ‘Hoe kunnen we dit nu pakken?’ Je peuter denkt dan na over een oplossing, bijvoorbeeld door een krukje te pakken.

Activiteit 2 - Boekje bekijken
Benodigdheden
Een boekje dat je peuter zelf kiest. Er hoeft geen tekst in te staan.

Hoe werkt het?

Neem je peuter mee naar zijn/haar boekjes en laat het een boekje uitkiezen. Ga samen gezellig op een plekje zitten waar het rustig is.
Vraag je peuter het boekje aan jou te laten zien en laat hem/haar de plaatjes aanwijzen. Als je peuter het al kan, laat de woordjes benoemen. Herhaal zelf wat je peuter heeft gezien, ‘Dat klopt, dat zijn… of dat is’.

Wat is het doel?
Door te praten over de plaatjes die je peuter ziet, stimuleer je de taalontwikkeling. Door zelf aan te geven dat je het leuk vindt, zal het voor je peuter ook leuk zijn. Je stimuleert hierdoor het lezen. Peuters doen graag dingen samen met hun vader of moeder, lezen of een boekje doorkijken is er daar één van!

Stapje makkelijker
Als je peuter een woordje nog niet goed kan uitspreken, is dat helemaal niet erg. Je kunt antwoord geven in een zin, dan ontstaan er kleine gesprekjes. Bijvoorbeeld als de peuter ‘Boemen’ zegt tegen bloemen, kun je antwoorden ‘Ja, toen zagen we heel veel bloemen in het gras’. Je bevestigt dat je hem/haar begrepen hebt en geeft tegelijkertijd ook het juiste woord door aan je peuter.

Stapje moeilijker
Als je peuter al een beetje kan praten, kun je het een beetje moeilijker maken door vragen te stellen als ‘Wat zag jij net op dat plaatje?’
Geef je peuter de tijd om zelf de regie te nemen. Je peuter bepaalt wanneer de bladzijde wordt omgeslagen en wat hij/zij wil aanwijzen en/of benoemen. Als je peuter lang wacht, moedig hem/haar dan aan door te zeggen ‘Toe maar’ of door je peuter aanmoedigend toe te knikken. Geef tussendoor een complimentje en geef aan dat je het gezellig vindt om samen te lezen.

Activiteit 3 - Spullen inpakken en uitpakken
Benodigdheden
  • Inpakpapier/folie/crêpepapier
  • Schaar
  • Lijm
  • Eventueel lintjes of strikjes
  • Voorwerpen om in te pakken, zoals een lege melkfles, speelgoed etc.

Hoe werkt het?
Je verzamelt samen met je peuter spullen. Deze spullen of voorwerpen pakken jullie samen in. Je peuter leert tijdens het inpakken welke materialen er nodig zijn en hoe je dit klusje precies klaart! Je peuter zal eventjes geduld moeten opbrengen om het cadeautje daadwerkelijk in te pakken en leert hiermee een taakje te volbrengen.

Wat is het doel?

Doordat je peuter zo’n grote rol heeft in het inpakken, vergroot dit de zelfstandigheid. Kijk, ik kan het zelf!

Stapje makkelijker
Doe deze activiteit vooral samen met je peuter. Laat zien hoe het cadeautje ingepakt kan worden en geef een compliment over de intentie. Is dit nog wat lastig voor je peuter? Herhaal deze activiteit dan een paar dagen achter elkaar. Dit geeft je peuter de mogelijkheid het spel op eigen tempo te spelen.

Stapje moeilijker
Laat je peuter alles zelf doen. Het meten van papier, het plakken met de plakband, enz.. Zo leert je peuter heel goed wat hij/zij zelf kan en eventueel om hulp te vragen als dit nodig is.

Activiteit 4 - Meten met fruit
Wat heb je nodig?
  • Mama
  • Papa
  • Fruit en/of groenten
  • De peuter zelf
  • Ander familielid/persoon

Hoe werkt het?
Laat iemand op de grond liggen. Gebruik fruit en/of groenten om te meten hoe lang bijvoorbeeld papa is. Wie is langer? Wie is korter? Hoeveel stuks fruit en groenten heb je gebruikt? Uiteraard kunnen hier ook schoenen of bijvoorbeeld knuffels gebruikt worden.

Wat is het doel?
Het doel is meten op lengte en het vergelijken. Wie is langer? Bij wie heb je meer groenten en fruit gebruikt?

Stapje makkelijker
Gebruik langere voorwerpen om te meten. Herhaal de activiteit, zodat je peuter de tijd heeft om het spel op eigen niveau te spelen.

Stapje moeilijker
Mama kan op een andere manier gaan liggen, zodat ze kleiner wordt. Het aantal fruit en groenten zal hierdoor niet meer kloppen. Hoe komt dat nou? Gebruik een meetlint om het spel te verdiepen. Stel een leuke vraag zoals; waar kunnen we nog meer mee meten?
Lees je kind voor of laat het voorlezen!
Vandaag is het verhaaltje: "Kikker en heel bijzondere dag"

 
Peuter&Co, Schoonderloostraat 68, 3024TX Rotterdam, Nederland
 
 


Email Marketing door ActiveCampaign